Dataset

Energieverbruik woningen; woningtype, oppervlakte, bouwjaar en bewoning

Permanent linkCopied
State Available
Data owner Centraal Bureau voor de Statistiek (Rijk)
Updated 03/14/2024 - 00:00
License CC-BY (4.0)
Thema
  • Energy
Publicity level Public
Metadata Download (XML/RDF)

Description

National coverage

Dit is een dataset die landelijk dekkend is. De data heeft betrekking op heel Nederland.

Close

Deze tabel bevat cijfers over het gemiddelde energieverbruik per woning (aardgas en elektriciteit) onderverdeeld naar woningtype, bouwjaarklasse, oppervlakteklasse de aanwezigheid van zonnestroominstallaties en het aantal bewoners voor alle particuliere woningen in Nederland en voor de aardgaswoningen (individuele CV en blokgas) daarbinnen. Voor elektriciteit is het niet mogelijk blokaansluitingen voor bijvoorbeeld liften en portiekverlichting in flatgebouwen toe te delen aan de bijbehorende woningen. Dergelijke elektriciteitsleveringen zijn daarom niet opgenomen in de getoonde cijfers. Het aardgasverbruik is gecorrigeerd voor temperatuur volgens de methode in de Klimaat- en EnergieVerkenning (KEV). De correctiefactoren op basis van graaddagen in De Bilt, zijn verkregen via het Planbureau voor de Leefomgeving. Het temperatuur-gecorrigeerde gasverbruik in 2019 (een relatief warm jaar) is volgens deze methode bijna 4 procent hoger dan de daadwerkelijke gaslevering, in 2020 (ook een relatief warm jaar) bijna 9 procent hoger, in 2021 (een relatief koud jaar), ongeveer 3 procent lager en in 2022 (wederom een warm jaar) bijna 6 procent hoger. De elektriciteitslevering betreft de levering van elektriciteit aan de woning waarbij geen rekening is gehouden met eventuele teruglevering. De netto elektriciteitslevering is wel gesaldeerd met de teruglevering van elektriciteit. Behalve de totale gemiddelde aardgas- en elektriciteitslevering per woning wordt voor aardgas ook de aardgaslevering per vierkante meter woonoppervlak weergegeven en voor elektriciteit de levering per bewoner.

Naast de gemiddelde aardgas- of elektriciteitslevering per woning worden ook de percentielen 10, 20, 30, 40, 50, 60, 70, 80 en 90 weergegeven. Percentiel 10 geeft de grens weer hoeveel aardgas of elektriciteit geleverd wordt aan de woningen met de laagste 10 procent aardgasleveringen; 10 procent van de woningen (met bepaalde kenmerken) heeft dus een levering die hooguit deze waarde heeft. Percentiel 50 komt overeen met de mediane waarneming. De helft van de woningen (met bepaalde kenmerken) gebruikt meer, de andere helft minder.

Alle cijfers zijn beschikbaar voor de totale woningvoorraad en voor de woningen die als hoofdverwarmingstype 'individuele gas of blokverwarming' hebben. Daarbinnen wordt nog onderscheid gemaakt tussen woningen met en woningen zonder zonnestroominstallatie. Indien een verblijfsobject naast wonen ook andere gebruiksfuncties heeft en de energielevering te hoog is voor huishoudelijk gebruik wordt een deel van de levering toegekend aan wonen/huishoudens en een deel aan de andere gebruiksfuncties. De tabel gaat alleen over de energieleveringen voor de woonfunctie. Naast de aardgas- en elektriciteitsleveringen geeft de tabel voor elke combinatie van woningtype, bouwjaarklasse, oppervlakteklasse en aantal bewoners informatie over het aandeel woningen met stadsverwarming en het aandeel woningen waar een zonnestroominstallatie is geregistreerd op dat adres tussen 1-1 en 31-12 van het rapportjaar. Het aandeel woningen met zonnestroom op het adres geregistreerd helpt bij de interpretatie van de gemiddelde elektriciteitslevering. Een hoger aandeel woningen met zonnestroom zal ceteris paribus door het directe gebruik van de zelf opgewekte elektriciteit leiden tot een lagere gemiddelde elektriciteitslevering. Daarnaast zal de netto elektriciteitslevering, waarbij de teruglevering in mindering is gebracht op de levering, voor woningen met zonnestroom lager zijn dan de levering. Het aandeel woningen met stadswarmte helpt bij de interpretatie van de gemiddelde aardgasleveringen omdat een hoog aandeel woningen met stadswarmte leidt tot een gemiddeld lagere aardgaslevering. Het aandeel stadsverwarming is alleen beschikbaar voor de totale woningvoorraad. Voor de populatie woningen met 'individuele gas of blokverwarming' is dit aandeel immers niet relevant.

Gegevens beschikbaar voor 2019, 2020 en 2021** en 2022*.

Status van de cijfers: De cijfers over 2019 en 2020 zijn definitief, cijfers over 2021 zijn nader voorlopige cijfers en cijfers over 2022 zijn voorlopig.

Wijzigingen per december 2023: Voorlopige cijfers over 2022 zijn toegevoegd. Verslagjaar 2021 is geactualiseerd. Voor het herontwerp zijn de jaren 2019 en 2020 uitgebreid, waarbij ook enkele cijfers zijn gecorrigeerd. Dit betreft zeer kleine aanpassingen. Herontwerp: voor alle jaren zijn de netto-energieleveringen toegevoegd en de categorie Hoofdverwarmingsinstallatie is vervangen door Hoofdverwarming en zonnestroom. Hierdoor is het nu ook mogelijk is om binnen de hoofdverwarmingscategorieën uit te splitsen naar de aanwezigheid van zonnestroominstallaties.

Wanneer komen er nieuwe cijfers? In augustus 2024 worden de definitieve cijfers voor 2021 en 2022 gepubliceerd en wordt de tabel uitgebreid met de cijfers voor 2023.

Landing page: https://opendata.cbs.nl/statline/portal.html?_la=nl&_catalog=CBS&tableId=85140NED

Owner

Owner information

Contact point

Publication & catalogues

Reuse

Licence & conditions

Relations

Comparable datasets

Metadata

Version notes

Language settings

Data language

Metadata language

Identifiers

Primary identifier


Webservices

API

JSON CC-BY (4.0)

https://opendata.cbs.nl/ODataApi/OData/85140NED

aardgas- en elektriciteitslevering, aandeel stadswarmte, aandeel zonPV bouwjaar, woningtype, oppervlakte, bewonersklasse, hoofdverwarmingstype

Feed

ATOM CC-BY (4.0)

https://opendata.cbs.nl/ODataFeed/OData/85140NED

aardgas- en elektriciteitslevering, aandeel stadswarmte, aandeel zonPV bouwjaar, woningtype, oppervlakte, bewonersklasse, hoofdverwarmingstype