Mirthe Heikens en Gert Nijsink werken beiden bij Rijkswaterstaat. Samen beheren zij de Klimaatmonitor.
De Klimaatmonitor is een monitoringportaal voor decentrale overheden. Met deze toepassing kunnen zij met de gegevens in dit portaal, de voortgang van de energietransitie volgen en hun beleid evalueren en bijsturen. Belangrijke thema’s binnen de Klimaatmonitor zijn CO2-uitstoot, energieverbruik en hernieuwbare energie. We vroegen Mirthe en Gert hoe de klimaatmonitor tot stand is gekomen.

Kun je jezelf even kort voorstellen? Wie ben je en waar werk je?

Mijn naam is Mirthe Heikens en ik werk sinds 2019 als adviseur Energie en Klimaat bij Rijkswaterstaat. Samen met mijn collega Gert Nijsink beheren we de Klimaatmonitor, waarbij Gert inmiddels al 10 jaar Klimaatmonitor-ervaringsdeskundige is. 
Mijn naam is Gert Nijsink. Ik werk sinds 2013 bij Rijkswaterstaat en daarvoor bij RVO. Bij RVO ben ik begonnen met de Klimaatmonitor en vanaf 2013 heb ik deze, o.a. samen met Mirthe, doorontwikkeld.

Aan welke toepassing hebben jullie gewerkt?

We werken aan de Klimaatmonitor. De Klimaatmonitor is een monitoringportaal voor decentrale overheden. Ze kunnen met de gegevens in dit portaal de voortgang van de energietransitie volgen en hun beleid evalueren en bijsturen. Belangrijke thema’s binnen de Klimaatmonitor zijn CO2-uitstoot, energieverbruik en hernieuwbare energie. We beschikken over zowel nationale als regionale data op deze onderwerpen. 

Voor wie hebben jullie dat gedaan en waarom?

We werken in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK). Onze gebruikers zijn decentrale overheden. Zij werken al jarenlang aan de energietransitie en gebruiken onze gegevens om de voortgang te monitoren. Inmiddels is de Klimaatmonitor voor veel gebruikers dé bron als het gaat om monitoringdata over de energietransitie. 
Naast de decentrale overheden wordt de Klimaatmonitor gebruikt door Adviesbureau’s, Energiecoöperaties, onderwijs, media en burgers.

Welk probleem lossen jullie daarmee op?

Zonder centrale informatievoorziening moeten duizenden gebruikers zelf de gegevens verzamelen/inkopen en bewerken. De tijd die  hieraan kwijt zijn, gaat ten koste van de uitvoering van beleid. Hierom is het vele malen efficiënter om dit centraal te doen.

Daarnaast zorgt de centrale informatievoorziening ervoor dat de gegevens uniform zijn: in alle gemeenten, regio’s en provincies zijn dezelfde gegevens beschikbaar, die volgens dezelfde methode verzameld en bewerkt zijn. 

"De Klimaatmonitor biedt gebruikers niet alleen een scala aan gegevens, maar ook een scala aan presentatie- en rapportagefunctionaliteiten"

Wat betekent deze toepassing voor de gebruiker?

De Klimaatmonitor biedt gebruikers niet alleen een scala aan gegevens, maar ook een scala aan presentatie- en rapportagefunctionaliteiten. Deze mogelijkheden worden breed gebruikt. De achterliggende database biedt gebruikers de mogelijkheid om zelf presentaties te maken over jaren, in gebiedsniveaus en met onderwerpen naar keuze. 
De gegevens en functionaliteiten worden door diverse organisaties als provincies, regio’s, gemeenten, maar ook VNG, hergebruikt in eigen informatieproducten. Ook dit zorgt voor meer efficiency en uniformiteit.
Naast decentrale overheden maken bijvoorbeeld ook diverse consultants gebruik van de Klimaatmonitor als input voor hun analyses, scenario’s en rapportages. 

Wat is er veranderd voor je gebruikers sinds ze deze toepassing hebben?

Voordat de Klimaatmonitor beschikbaar was, hadden decentrale overheden veel minder zicht op de voortgang van de energietransitie en de effecten van hun beleid. Provincies en grotere gemeenten gaven opdrachten aan consultants om gegevens te verzamelen en op basis daarvan te rapporteren. Daarbij gebruikten zij verschillende methoden, waardoor de resultaten niet vergelijkbaar waren, en niet optelden tot de overeenkomstige nationale totalen.

Welke data gebruiken jullie hiervoor?

We gebruiken data uit veel bronnen. Belangrijke datasets zijn de (hernieuwbare) energie- en CO2-statistieken van CBS en Emissieregistratie. Ook de financiële regelingen en overige registraties van RVO zijn belangrijk. Daarnaast verkrijgen we voor specifieke onderdelen data van bedrijven en brancheorganisaties als de Unie van Waterschappen.

Elk project kent ook uitdagingen. Waar liepen jullie tegenaan?

Niet alle noodzakelijke gegevens zijn beschikbaar of mogen gedeeld worden. Het ontwikkelen van nieuwe datasets kost veel tijd en dus geld. Soms lukt het om het daarvoor benodigde budget te organiseren door als Rijk samen met gemeenten en provincies statistieken te laten ontwikkelen. Sinds 2019 is VIVET opgericht. VIVET staat voor Verbetering Informatievoorziening Energietransitie en is een samenwerkingsverband tussen CBS, Kadaster, RVO, PBL en Rijkswaterstaat. VIVET is bedoeld om ontbrekende datasets te identificeren en ontwikkelen.

Als je terugkijkt: wat is dan anders gelopen dan jullie van te voren hadden gedacht?

Als we terugkijken, valt het ons vooral op hoe lang de energietransitie duurt. Professionals zijn er al decennia mee bezig en pas met de inwerkingtreding van het Klimaatakkoord merk je dat de samenleving breed betrokken raakt bij de verduurzaming van onze elektriciteits- en warmtevoorziening. Dat roept allerlei vragen op en het is erg leuk om bij de beantwoording daarvan een rol te spelen.

Wat is jullie persoonlijke band met het onderwerp?

Mirthe: voor mijn baan bij Rijkswaterstaat werkte ik bij een omgevingsdienst, waar we gemeenten ondersteunden bij o.a. de energietransitie. Ik werkte toen zelf al veel met de Klimaatmonitor, om bijvoorbeeld het effect van het gekozen beleid te analyseren. Nu werk ik juist aan de Klimaatmonitor en mijn ervaring als gebruiker helpt me hierbij om de data op een duidelijke en bruikbare manier te presenteren. 

Gert: ik werk al mijn hele carrière aan de informatievoorziening voor decentrale overheden op het gebied van energie en klimaat. Ik vind het erg leuk om als een spin in het web verbindingen te leggen tussen allerlei aanbieders van gegevens en allerlei gebruikers. Juist de gebruikstoepassingen en de vragen die deze oproepen bij gebruikers, maken het interessant om steeds nieuwe informatie te blijven aanbieden. Daarnaast ben ik persoonlijk betrokken bij de energietransitie, bijvoorbeeld doordat mijn woning bijna energieneutraal is, mijn woning is bijvoorbeeld voorzien van o.a. zonnepanelen, een warmtepomp, een houtkachel en ik verbruik heel weinig gas op jaarbasis. 

What's next? Wat staat er op de planning op het gebied van data?

Alles wordt steeds meer data-gedreven, ook de energietransitie. De behoefte aan actuele en lokale data is groot. Deze zijn nog niet altijd beschikbaar, maar daar werken we onder andere binnen VIVET hard aan. De bedoeling is dat data sneller en op kleiner schaalniveau beschikbaar wordt gesteld. Dit vraagt ook wat van de platformbeheerders, wij blijven daarom hard werken om dit voor onze gebruikers te bewerkstelligen.  

En andere concrete ontwikkeling is dat we verkennen hoe we samen met RVO de landelijke monitoring van het Klimaatakkoord en onze regionale monitoring kunnen uitvoeren. 

Wat kan Data.Overheid.nl voor jullie betekenen? Waar hebben jullie behoefte aan?

We gaan met Data.Overheid werken aan het inrichten van een community en een werkproces. Gebruikers in die community kunnen hun vragen dan bij Data.Overheid stellen. Samen met Data.Overheid wegen we dan als VIVET-partijen af hoe we deze vragen van een antwoord kunnen voorzien en welke partij dat antwoord het best kan geven of ontwikkelen. De ontwikkelde datasets worden daarbij ook via Data.Overheid ontsloten.

Is er nog iets anders dat je over dit onderwerp kwijt wilt?

Nee

Als mensen na het lezen behoefte hebben aan meer informatie, waar kunnen ze dan terecht?

Dit jaar hebben we hard gewerkt aan een landingspagina rondom de Klimaatmonitor, met meer informatie over o.a. de bronnen die we gebruiken, welke methoden we hanteren en wanneer gegevens geactualiseerd worden. Deze landingspagina is bereikbaar via: https://klimaatmonitor.databank.nl/ 

Meepraten over de impact van data?

Word gratis lid van onze data communities, binnen 1 minuut heb je een account aangemaakt en praat je mee op: www.datacommunities.nl