Terug naar overzicht

Impact story: wijkpaspoort warmtetransitie

Impact-story | Created: 03-05-2021 | Aangepast: 27-07-2022

Eind 2050 moeten alle gemeenten in Nederland van het gas af zijn. Dit lijkt nog ver weg maar er zijn nog veel inzichten nodig om deze ambitie vanuit het Klimaatakkoord te behalenMet behulp van de Datavoorziening Energietransitie gebouwde omgeving (DEGO) en het Wijkpaspoort Warmtetransitie kunnen gemeenten deze inzichten verkrijgen. We vroegen Paul Suijkerbuijk wat zijn aandeel is geweest in de totstandkoming in de datavoorziening en hoe data bijdraagt aan het komen tot de energietransitie tot DEGO en Wijkpaspoort.

Kun je jezelf even kort voorstellen? Wie ben je en waar werk je?

Mijn naam is Paul Suijkerbuijk, ik werk bij VNG als projectleider, hier houd ik me o.a. bezig met data gedreven werken rond energietransitie en ondermijningstukken. In beide gevallen gaat het over het gebruiken van data en open data. Ik heb hiervoor overigens aan het open dataportaal (data.overheid.nl) gewerkt bij KOOP. En ik heb ook voor Binnenlandse Zaken gewerkt aan het leer- en expertisepunt Open Overheid. Nu kreeg ik de gelegenheid om data oplossingen te maken voor VNG. Dit bevalt me erg goed!

'De hamvraag voor deze transitie is: hoe gaat een gemeente van het gas af?'

Aan welke data toepassing heb je gewerkt?

Ik heb samen met mijn collega’s van VNG, gewerkt aan de datavoorziening Energietransitie Gebouwde Omgeving (hierna te noemen DEGO) en het Wijkpaspoort. Momenteel is het vooral veel gemeenten helpen met de data die zij nodig hebben om de transitievisie warmte op te stellen, deze moet voor eind 2021 gereed zijn. De hamvraag voor deze transitie is: hoe gaat een gemeente van het gas af. Want de ambitie vanuit het klimaatakkoord is om alle gemeenten voor 2050 van het gas af te hebben, en dit gaat natuurlijk niet vanzelf. 

Het probleem van warmte is dat het heel lastig te verplaatsen is. Om te komen tot alternatieve warmtevoorzieningen moet gewerkt worden aan warmtenetten, warmtepompen en andere warmtevoorzieningen. In elke situatie is een flinke verbouwing nodig van de infrastructuur. Er moet onder andere gewerkt worden aan de isolatie van woningen. Dit is niet eenvoudig, we geven mede met het Wijkpaspoort, inzichten in de situaties van wijken en buurten rondom het transitievisie warmtevraagstuk.

Welke vraag beantwoord je hiermee?

Met het de DEGO en het Wijkpaspoort geven we alle gemeenten in Nederland een overzichtelijk en begrijpelijk overzicht. Op deze manier kunnen zij precies zien welke data er beschikbaar is rondom de warmtevraagstukken in hun gemeente.

'De data is bedoeld voor allerlei soorten gemeenten, groot en klein'.

Wat betekent dit inzicht voor inwoners van Nederland?

Iedereen kan met DEGO en het Wijkpaspoort aan de slag maar onze focus ligt wel op de gemeenten. De data is bedoeld voor allerlei soorten gemeenten, groot en klein. Het is van belang dat de data inzichten bruikbaar zijn voor grote en kleinere gemeenten. 

Doel hiervan is dat gemeenten de goede maatregelingen kunnen treffen - met inachtneming van de maatschappelijke effecten - van het aardgas vrij maken van gemeenten. Met behulp van DEGO en het Wijkpaspoort moet het eenvoudiger worden om aan de slag te gaan om plannen te bedenken om deze doelen te bereiken. Samenwerken met de maatschappij en nadenken over warmtescenario’s biedt kansen om op basis van data het gesprek te voeren over transities. Dit kan bijvoorbeeld d.m.v. participatie met de burger. 

Wat is er veranderd voor je gebruikers sinds ze deze toepassing hebben/wat gaat er volgens jou veranderen? 

We hebben een duidelijk overzicht gecreëerd voor gemeenten waarbij wij werkzaamheden, zoals het verzamelen van data, hebben weggenomen. Met deze data kunnen zij direct aan de slag en de voor hen belangrijke informatie eruit uithalen. 

Welke data gebruik je hiervoor?

Wij gebruiken voornamelijk open databronnen zoals CBS, RIVM (atlas natuurlijk kapitaal). Ook hebben we data gebruikt van de semi publieke sector; op postcode-6 niveau. We kunnen de informatie van het gebouw zien, maar niet per adres, gemiddeld gezien binnen het desbetreffende gebied. Ook energie labels zijn een open data bron, deze geven we dus ook weer op de kaart. 

'Er zijn al veel kaarten, data en atlassen maar die leveren allemaal maar een klein stukje van de puzzel'.

Elk project kent ook uitdagingen. Waar liep jij tegenaan? Wat is dan anders gelopen dan je dacht?

De verkrijgbaarheid van goede data is een uitdaging. Dat vergt veel tijd en is een zoektocht. We hebben binnen het project een specifieke rol hiervoor opgesteld, namelijk de ‘dataregisseur’. 

Wat lastiger was, was om de toepassing zo te maken dat hij precies datgene doet waar gemeenten behoefte aan hebben. Er zijn al veel kaarten, data en atlassen maar die leveren allemaal maar een klein stukje van de puzzel. We geven nu een beter beeld en we maken hetgeen waar gemeenten behoefte aan hebben toegespitster. De koppeling naar het maatschappelijk vraagstuk is complex en dat vraagt gewoon meer inzicht en kennis over hoe je de data kunt laten zien. Het is een interactief ontwikkelproces, we hebben elke drie weken sprints en dan halen we informatie op waarmee we aan de slag gaan.

Wat is je persoonlijke band met het onderwerp?

Ik heb vooral de passie voor data en het toepassen van data in maatschappelijke vraagstukken. Ik ben gedurende het traject een hoop te weten gekomen over dit onderwerp. Data vraagstukken oplossen zoals deze doe je niet als je geen verstand hebt van de energietransitie. Gelukkig heb ik een collega van VNG die heel veel van deze materie afweet en ik heb daarbij weer kunnen helpen bij de data inzichten. Met deze aanpak zijn we uiteindelijk gekomen waar we nu zijn. Het bij elkaar brengen van data, het vraagstuk en de oplossing zijn voor mij persoonlijk belangrijke aspecten. 
 
What's next? Wat staat er nu op de planning op het gebied van data?

De datavoorziening is heel duidelijk en werkt heel helder. Hierdoor is hij bruikbaar voor andere aanpakken en vraagstukken. De basis wordt gevormd door de datavoorziening data gedreven beleid. We zijn nu aan het kijken naar andere praktijkcasussen waar we deze datavoorziening ook voor kunnen gebruiken. Dat zou bijvoorbeeld een datavoorziening rond de ondergrond, klimaatadaptatie of een ‘koppel kansen kaart’ kunnen zijn.  

Als mensen na het lezen behoefte hebben aan meer informatie, waar kunnen ze dan terecht?

Mailen voor vragen mag naar: Paul.Suijkerbuijk@vng.nl.

Is er verder nog iets wat je kwijt wilt?

Het is goed om ook aandacht aan de batenkant te besteden. Het lijkt me goed om te benoemen dat gemeenten open data vrij mogen en kunnen gebruiken voor andere doeleinden. Zij hoeven de visualisaties die wij reeds hebben gedaan, niet zelf nog eens te doen. De data is er ten slotte al. Dit kan per gemeente een hoop geld schelen. Ik ben nog aan het onderzoeken of we hier een berekening van kunnen maken maar het kostenvoordeel is er dus volgens mij al. 

Meepraten over de impact van data?

Word gratis lid van onze data communities, binnen 1 minuut heb je een account aangemaakt en praat je mee op: www.datacommunities.nl.